Het Spel des Levens
De Regels van het Spel des Levens
De werking van de Cosmische Wetten is gebaseerd op
onze intentie. Ons feitelijk gedrag is daarbij van ondergeschikt belang.
Wanneer we stelen van een ander, dan zijn we volgens
de Nederlandse wet strafbaar, los van onze intenties. Wat nu wanneer we door
het stelen van het brood het leven van ons kind redden? Of
wanneer we dit juist niet doen, uit angst voor straf?
Er zijn 13 afzonderlijke Cosmische Wetten die
gezamenlijk de regels vormen van het Spel des Levens. Deze 13
Cosmische Wetten werken altijd in onderlinge samenhang. Onderstaand schema toont een overzicht van de 13 Cosmische Wetten.
Daarna worden ze afzonderlijk kort toegelicht.
|
De Wet
van Vergankelijkheid |
De Wet
van Compensatie |
De Wet
van Handeling |
|
|
De Wet
van Aantrekking |
|||
|
De Wet
van Behoud van Energie |
De Wet
Van Overeenstemming |
||
|
De Wet
van Betrekkelijkheid |
|||
|
De Wet
van Omzetting van Energie |
De Wet
van Oorzaak en Gevolg |
||
|
De Wet
van Geslacht |
|||
|
De Wet
van Ritmische Beweging |
De Wet
van Karma |
||
|
De Wet
van Polariteit |
De Wet van Vergankelijkheid zorgt ervoor dat
alles wat geboren wordt, ook weer zal vergaan. Maar ook de dood is
vergankelijk. Alles wat afsterft, levert zo weer de
bouwstoffen voor nieuw leven. Deze Wet wordt daarom
ook wel de Wet van Reïncarnatie genoemd.
De Wet van Behoud van Energie zorgt ervoor
dat energie nooit verdwijnt. Laten we daarbij niet vergeten dat alles energie
is. Bij het vergaan gaat de energie over van het oude naar
het nieuwe.
De Wet van Omzetting van Energie zorgt
ervoor dat alle energie
De Wet van Ritmische Beweging zorgt ervoor
dat alles heen en weer beweegt. In-uit, op-neer, eb-vloed, leven-dood of
dag-nacht, om maar een paar voorbeelden te noemen.
De Wet van Compensatie zorgt ervoor dat onze
intenties vroeg of laat gecompenseerd zullen worden. Deze compensatie werkt
zowel positief als negatief.
De Wet van de
Aantrekkingskracht zorgt ervoor dat het gelijke altijd het gelijke
aantrekt. Soort
zoekt soort. Het maakt daarbij niet uit of het over
bijvoorbeeld mensen, voorwerpen of gebeurtenissen gaat.
De Wet van Betrekkelijkheid zorgt ervoor dat
alles betrekkelijk is. Deze spelregel voorkomt dat we levenslessen te leren krijgen die voor ons te hoog gegrepen zouden kunnen
zijn.
De Wet van Polariteit zorgt ervoor dat
iedere energie twee uitersten kent: de laagste en de hoogste trilling. Dit zijn de twee tegenpolen, zoals bijvoorbeeld warm-koud,
zwart-wit, yin-yang, man-vrouw of hoog-laag. In het
midden tussen beide uitersten vinden we vaak de waarheid van de juiste weg.
De Wet van Geslacht zorgt ervoor
beide geslachten - man en vrouw - complementair aan elkaar zijn. Man en vrouw
vullen elkaar aan, en hebben elkaar nodig voor een optimaal resultaat. Dit wordt ook wel de Wet van Complementariteit genoemd.
De Wet van Handeling zorgt ervoor dat
handeling en intentie beiden nodig zijn voor het beoogde effect. Deze Wet
benadrukt het principe van geen woorden, maar daden.
Alleen wanneer onze intentie en ons gedrag in dezelfde richting wijzen, zullen
we in staat zijn om het gewenste resultaat te
bewerkstelligen.
De Wet van Overeenstemming zorgt ervoor dat
elk kleinste stofje de eigenschappen van het totaal in zich draagt. Alles
is hierdoor verbonden met elkaar. Bewustzijn is energie en energie is
bewustzijn. Bewustzijn is de lijm van de gehele Cosmos.
De Wet van Oorzaak en Gevolg zorgt ervoor
dat elke oorzaak een gevolg heeft, en elk gevolg een oorzaak. Toeval bestaat daarbij niet. Toeval is niets anders dan onbegrepen dynamiek.
De Wet van Karma zorgt
ervoor dat alles wat we anderen geven, vroeg of laat ook aan ons wordt gegeven. Omwille van onze Vrije Wil mogen wij in dit leven doen
en laten wat ons goed dunkt. We kunnen ons echter nooit
onttrekken aan de vruchten van dit gedrag, dankzij deze Wet van Karma.
De Paden van het Spel des Levens
Ons leven op Aarde vormt onze
Leerschool. Alles wat ons in
ons leven overkomt zijn lessen waarvan we mogen leren (in overeenstemming met
de Wet van Betrekkelijkheid). En via vele levens mogen we in alle uiterlijke en
innerlijke verschijningsvormen zelf alles ondervinden, van het allermooiste tot
het aller ergste, als gever en als ontvanger. En omdat
eigenlijk alles
Wij mensen zijn nadrukkelijk veel meer dan alleen een fysiek lichaam. Wij zijn feitelijk
allemaal geesten (met daarin onze essentie) die in ons leven op Aarde gelijktijd
beschikken over de volgende lichamen:
o
fysiek lichaam (met daaraan verbonden onze
persoonlijkheid)
o
astraal lichaam (met daarin de uitstralingen van onze
waarnemingen, gedachten en gevoelens zoals te zien is in ons aura).
o
etherisch lichaam (met daarin onze chakra's)
o
causaal lichaam (waarin onze ziel huist)
Ons fysieke lichaam bestaat uit
de zwaarste stoffen. Ieder
volgend lichaam is gemaakt van fijnere stoffen. Ons causale lichaam is ons
meest fijnstoffelijke lichaam. Zolang we dit lichaam nog hebben kunnen we
onszelf ook aanduiden als zielen, hoewel dus in
essentie slechts geesten zijn.
Alle fysieke elementen - ons vlees en bloed -
behoren tot ons fysieke lichaam. Dit is wat we van onszelf en anderen
kunnen waarnemen. De vorm, de haren, de huid, de nagels de
ogen en alles wat daar verder achter schuil gaat.
Ons astrale lichaam is een energetisch
lichaam. Het is feitelijk een energieveld dat ons fysieke lichaam omgeeft. Dit energieveld wordt voortdurende gekleurd door de actuele
uitstralingen van onze waarnemingen, gedachten en gevoelens. Deze kleuren zien we terug in ons aura. Ons aura is het
waarneembare gedeelte van ons astrale lichaam. Ook de vorm van ons aura heeft
betekenis, zoals deuken, gaten of uitstulpingen. Getrainde ogen kunnen aura's zien. Via onze taszin kunnen we
het begin van een aura voelen als een soort zacht
briesje tegen onze handpalm aan.
Ons etherische lichaam
voorziet onze andere lichamen van energieën. Hiertoe maakt het etherische lichaam gebruik van
de chakra’s. Via de meridianen stromen deze
levensenergieën door het fysieke lichaam. Ze voeden de
basisfuncties - waarnemen, denken en voelen - en daarmee eveneens ons astrale
lichaam. Een verzwakking in ons etherisch lichaam,
waardoor er gaatjes of scheurtjes, zorgt ervoor dat we vatbaarder worden voor
ziekte en aanverwante aandoeningen.
In ons causale lichaam
huist onze ziel. Soms wordt dit
lichaam ook wel het Akasha-lichaam genoemd, en met aanduiding Akasha Records
wordt dan verwezen naar onze ziel. Met de naam Akasha wordt
verwezen naar de oorspronkelijke Goddelijke Bron. Het causale lichaam
Via onze geest en vier lichamen leven we
gelijktijdig in zeven, hiërarchische werelden. Iedere wereld
bestaat uitsluitend uit energieën. Ook in de onderste, fysieke wereld
van grofstoffelijkheden is wat wij vaste materie noemen, niets anders dan energie. Door onze waarneming creëren we de
illusie dat een steen keihard is. Wanneer
we echter hierop blijven inzoomen, dan nemen we aanvankelijk moleculen, atomen
of zelfs subatomaire deeltjes waar, maar uiteindelijk houden we alleen trilling
over.
Elk van onze zeven leefwerelden bestaat in essentie
uitsluitend uit trillingen, oftewel energieën. Opklimmend van lage,
grofstoffelijke energieën naar steeds hogere, fijnstoffelijkere
energieën zijn dit onze zeven innerlijke leefwerelden:
o
de
fysieke wereld (de wereld van de vaste materie)
o
de
gevoelswereld (de wereld van de emoties)
o
de
mentale wereld (de wereld van de denkbeelden)
o
de
astrale wereld (de wereld van uitstraling)
o
de
etherische wereld (de wereld van levensenergieën)
o
de
causale wereld (de wereld van de ziel)
o
de
geesteswereld (de wereld van de pure geest)
Onze persoonlijkheid gaat maar
één leven mee. Wanneer we
sterven, dan laten we ons fysieke lichaam achter, en alles wat daaraan verbonden
is, zoals dus onze persoonlijkheid. De overige, lichtere lichamen
blijven in tact. Hiermee gaan we op reis in het
hiernamaals.
Onze reis in het hiernamaals begint met het verlaten
dan de Aardesfeer. Het eerste station wat we op deze reis aandoen is de Rustsfeer. In de Rustsfeer
worden we bewust gemaakt van onze nieuwe toestand en onze nieuwe mogelijkheden.
We gaan daarin begrijpen dat we vrij zijn van onze fysieke
tekortkomingen, ook al geloven we dat vaak niet direct. Gedurende deze
rustperiode neemt ons oude (tussen-) bewustzijn af. En
alles uit ons onderbewustzijn komt geleidelijk aan omhoog naar ons nieuwe
bewustzijn, wat één wordt met ons bovenbewustzijn. We worden ons daarbij steeds
meer bewust van de herinneringen van de ziel.
Afhankelijk van onze eigen starheid duurt deze
rustperiode korter of langer. Pas daarna kunnen we de reis in
het hiernamaals vervolgen.
Tijdens ons verblijf in de
Rustsfeer evalueren we eerst wat wij anderen hebben aangedaan. Onze ziel toont ons daartoe alles van dit leven en
we mogen er zelf een oordeel over vellen. Niets ontkomt daarbij aan ons eigen oordeel. We ervaren kraakhelder wat het resultaat was
van onze intenties en ons gedrag op anderen. Daarna ervaren we wat het
resultaat was van het gedrag en intenties van anderen op ons. De vraag die we
ons daarbij stellen is of we het hen kunnen en willen vergeven. Kortom, in de
Rustsfeer wordt de film van ons afgelopen leven op Aarde afgespeeld en bij elke
belangrijke gebeurtenis worden we geconfronteerd met de volgende drie vragen:
1.
Hebben
wij anderen schade toegebracht?
2.
Hebben
wij vanuit Liefde gehandeld jegens onze medemens?
3.
Hebben
wij anderen kunnen vergeven?
Het resultaat van deze zelfevaluatie maakt
duidelijk hoe we de reis in het hiernamaals zullen gaan vervolgen. Afhankelijk van de uitkomsten komen we terecht in een omgeving die
bij het bereikte niveau van begrijpen past. Reïncarnerende zielen komen
terecht in één van de drie niveaus van opklimmend Licht, genaamd de Tussensferen:
I.
Duisternis
(bedoeld voor de meer haatdragenden)
II.
Schemerland
(bedoeld als algemene Tussensfeer)
III.
Zomerland
(bedoeld voor de meer vergevingsgezinden)
In de Duisternis
hebben we uitsluitend te maken met extreem egoïstische
zielen. Hun verblijf in deze sfeer duurt niet langer
dan hun eigen hardnekkigheid. Deze zielen worden regelmatig door Lichtwezens (afkomstig
uit de hogere Lichtsferen) bezocht om hun hardnekkigheid
te masseren. Het donkerste gedeelte in de Duisternis is de Hel. Zielen die hier
geplaatst worden zijn zo achterop geraakt, dat een te
vroege terugkeer naar de Aarde grote narigheid zou veroorzaken. Ook deze zielen zijn niet verdoemd en kunnen bij voldoende groei
opnieuw reïncarneren.
In Schemerland
komen de meeste mensen als eerste aan, omdat onwetendheid
en lichtgelovigheid op Aarde hun deel was. Ze hebben wel
schade aangericht aan anderen, maar waren vaak onwetend en weinig
vergevingsgezind. Zij gebruikten hun Vrije Wil nauwelijks en leefden
volgens de heersende, weinig liefdevolle, regels van
de groep, kerkgenootschap, of samenleving waartoe ze behoorden. Bij hen was
sprake van veel gedrag vanuit rigide regels en weinig
gedrag vanuit hun hart. Zij hebben zich aan hun omgeving aangepast en zijn
vergeten zichzelf te zijn. Pas als
zij zich dat bewust worden, kunnen ze verder.
In Zomerland
komen de zielen die al een eind op de goede weg zijn. In Zomerland is het licht
en plezierig toeven en kunnen zij tegelijkertijd werken aan persoonlijke groei.
Zij oefenen met intentiekracht om vormen te creëren en
zo hun omgeving te verfraaien. Huizen en landschappen in allerlei varianten
zijn hier te vinden.
Bewustzijnsgroei is in elke sfeer mogelijk. Een ziel
Het incarnatiespel - als 'level 1 van het
Spel de Levens' - is een doorlopende cyclus van het leven in de Aardesfeer (van
geboren worden tot sterven), dan de reis naar de Rustsfeer, dan door naar de
Tussensferen en dan weer opnieuw geboren worden in de Aardesfeer. Dit
incarnatiespel spelen we iedere keer opnieuw samen met telkens dezelfde zielen,
maar dan iedere keer in een andere rol. Dit wordt onze Zielengroep genoemd,
en is ongeveer 1000 zielen groot. Ouder en kind,
geliefden en tegenstanders, dichtbij en veraf, alles wordt steeds
door elkaar gehusseld in een andere beginopstelling bij iedere nieuwe ronde van
het incarnatiespel. Wij mogen er vanuit gaan dat de zielen die nu een
duidelijke rol spelen in ons leven behoren bij onze zielengroep.
Tussen sterven en opnieuw geboren
worden zit doorgaans een periode van tussen de 50 en 150 Aardse jaren. Er kunnen ook redenen zijn om
juist sneller of langzamer te reïncarneren. Eén zo'n reden is bijvoorbeeld de
eindfase waarin we nu met elkaar zitten. Naar verluidt zijn nu de dapperste,
creatiefste en slimste zielen op Aarde geïncarneerd om
datgene te doen wat nu nodig is.
In de Tussensferen staat het
bewust worden en persoonlijke groei centraal. Hierbij gaat het om het afleren. Het aanleren daarentegen staat centraal in
hogere sferen, genaamd de Lichtsferen.
Dit kunnen we zien als level 2 van het Spel de Levens.
Geluiden en licht spelen hier een grote rol. Gebouwen en landschappen spelen nauwelijks een rol in de
Lichtsferen.
In de Lichtsferen kunnen we in zeven niveaus
opklimmen van leerling naar Meesterschap. Dit staat gelijk aan het groeien van
de achtste Dimensie (8D) tot en met de veertiende Dimensie (14D). We gaan daartoe
gericht onderzoek verrichten om kennis, inzicht en
wijsheid te verkrijgen. Er zijn zeven opklimmende niveaus in de Lichtsferen. In de zevende en hoogste Lichtsfeer, ook wel de zevende Hemel
genoemd, verblijven de Lichtmeesters. De Lichtmeesters hebben zich
diepgaande kennis, inzicht en wijsheid eigen gemaakt
op verschillende vakgebieden. Elke Lichtmeester heeft verantwoordelijkheden
toegewezen gekregen, passend bij het eigen vakgebied.
De Lichtwezens afkomstig uit één van de zeven
Lichtsferen kunnen uit eigen initiatief ervoor kiezen
om ook in Aardse lichamen geboren te worden. Hun vrijwillige incarnatie is dan
bedoeld om de geïncarneerde Zielen op Aarde te helpen
bij hun leerprocessen. De Heilige Boeken op Aarde beschrijven
de aanwijzingen die deze Verlichtte Wezens ons in het verleden hebben gegeven.
Op dit moment zijn vele van deze vrijwillig geïncarneerde
Lichtwezens aanwezig op Aarde gezien de belangrijke eindfase (en dus gelijk ook
beginfase) waarin het leven op Aarde (en daarbuiten) zich momenteel bevindt.
Op dit pad naar het Licht leggen we telkens het
zwaarste fijnstoffelijke lichaam af. Onze Geest wordt
steeds intenser en onze essentie - onze
individualiteit - speelt een steeds kleinere rol. Als
we alleen nog maar pure geest zijn, hebben we helemaal geen individualiteit
meer nodig en is ook onze ziel overbodig geworden. Dan hebben we het besluit
genomen om de Hoogste Lichtsfeer - ook wel de Zevende
Hemel genoemd - achter ons te laten. We treden dan de Goddelijke Sferen binnen (15D), oftewel
het derde en hoogste level van het Spel des Levens. Hierbij leggen we ook
ons causale lichaam af en worden we onstoffelijk en
definitief (weer) één met God. Hiermee eindigt onze reis (van precies 13
niveaus tussen 3D en 15D). Sommige Lichtmeesters zien bewust af
van deze stap en blijven daarmee in de Lichtsferen om de mensheid bij te staan
in hun groei naar het Licht. Zij zijn de herders die pas rusten wanneer ook het
laatste lam is teruggekeerd.
Zoals gezegd heeft ook onze ziel een einde, en
daarmee ook een begin. Bij het ontstaan van onze ziel is gelijktijdig ook onze tweelingziel
geschapen. Ieder mens heeft dus een tweelingziel, die we soms mogen ontmoeten,
vaak zonder het ons te beseffen. In deze laatste fase,
ons eeuwige verblijf in de Goddelijke
Sferen, worden we definitief verenigd met onze tweelingziel.
Wat gebeurt er nu precies wanneer
we op Aarde sterven?
Sterven is, zoals gezegd, eigenlijk het geboren
worden aan de andere kant. We komen aan de andere kant aan, zoals we hier op Aarde na onze dood zijn
vertrokken. Zo beneden, zo boven. Ga we met haat dood,
dan komen we met haat aan.
We kunnen eigenlijk maar op twee
manieren dood gaan. We zien het aankomen of niet. In het eerste geval weten we
dat we dood zijn, maar tegelijkertijd merken we dat we er nog steeds zijn en
dat het dus niet is afgelopen. We blijven dan nog enkele
dagen in de Aardesfeer. Daarna worden we door Lichtwezens opgehaald. We verlaten dan de Aardesfeer en gaan op reis naar de Rustsfeer.
Wanneer we de dood niet zagen aankomen, denken we
nog in leven te zijn op Aarde. Wij nemen alles ook
gewoon nog waar, maar de levenden nemen ons niet meer
waar. We kunnen dan niet langer communiceren met
levenden, en we begrijpen aanvankelijk niet waarom dit zo is, zelfs al zien we
ons eigen levenloze lichaam.
Als 'dolende' Zielen kunnen we pas verder als we ons
bewust worden dat we overleden zijn en verder willen en durven. Tot die tijd kunnen we de Aardesfeer niet verlaten en worden we
niet opgehaald. Sommigen hebben hier meer tijd
voor nodig. Angst voor het onbekende weerhoudt hen verder te
gaan. Ze vervelen zich te pletter en een enkeling gaat
'spoken'. Wanneer wij als levenden contact zoekt met
gene zijde - via glaasje draaien, pendelen en dergelijke - dan krijgen we deze
dolenden als eerste aan de lijn. Ze kunnen zich voordoen als
een gestorven dierbare, maar ook als Jezus of als God en vaak liegen en
bedriegen ze er op los. Lichtgelovigen en avonturiers opgelet, de dolenden
kunnen onze gedachten lezen en vertellen ons precies wat we willen horen! Zuivere mediums worden afgeschermd voor deze dolende Zielen.
Wat gebeurt er wanneer we op
Aarde worden geboren?
Wij kiezen er zelf voor wanneer
we terug willen keren naar het leven op de Aarde. Ons leerproces in de
Tussensferen heeft dan een verzadigingpunt bereikt. We krijgen dan een
steeds grotere behoefte om terug te keren naar de
Aarde, meestal met de wens om het geleerde in de praktijk te mogen gaan
brengen.
Omdat we aan gene zijde kiezen, kiezen we een
lichaam met spirituele maatstaven en niet met maatstaven bedacht door het sterfelijke
verstand dat is gebaseerd op een materiele werkelijkheid. Rijk
zijn, invloed hebben, mooi zijn, gezond zijn en succes hebben spelen geen
enkele rol bij deze - op spirituele waarden gebaseerde - keuzen. Immers,
ons toegenomen bewustzijn gaan we dan op Aarde proberen toe te
passen.
De tijd om terug te keren
is dan aangebroken. Hogere Lichtwezens, hebben ons geholpen bij het kiezen van
het gezin waarin we geboren gaan worden en de omstandigheden die we zullen gaan
meemaken. Dat is een mengeling van ons eigen
positieve- en negatieve karma. Het nieuwe leven is vaak een test van hetgeen we
ons bewust zijn geworden aan gene zijde. In onze Ziel zit de
blauwdruk van ons nieuwe leven op Aarde. We weten
precies waaraan we beginnen. Maar bij de daadwerkelijke geboorte gaat
het luik dicht en zijn we ons hiervan niet langer
bewust. Een miskraam
Onder begeleiding van leden van onze zielengroep
gaan we naar een plaats waar we door Lichtwezens geholpen wordt bij het 'afleggen'
van onze fijnstoffelijke lichamen en de 'ontkoppeling' met onze geest. Dit is
nodig om de karaktertrekken en herinneringen uit
vorige levens achter ons te laten. Hiermee zakt dit alles naar ons onderbewuste
- onze ziel - en starten we met een leeg tussenbewustzijn aan het nieuwe leven
op Aarde. Tot een jaar of zeven kunnen we als kinderen
soms nog in contact komen met ons onderbewustzijn en flarden ervaren uit een
vorig leven en daar over vertellen of in ons spel verwerken.
Geboren worden op Aarde is zoals gezegd de tweede
dood. Deze wedergeboorte is alleen noodzakelijk als we
nog karma te vereffenen hebben. Onze ziel en onze geest worden, als het tijdstip gunstig is, geplaatst bij het nieuwe
embryo. Dit is de feitelijke wedergeboorte of incarnatie. Dat is kort na de conceptie, als de celdeling begint. Tijdens de
zwangerschap ontwikkelen zich naast een nieuw fysiek lichaam met een nieuwe
persoonlijkheid, ook de benodigde fijnstoffelijke lichamen en wordt de band
hiervan met het embryo steeds sterker.
Een nieuw leven op Aarde is begonnen. Alles past
daarin bij de opdracht die we vooraf aan onszelf hebben gegeven. Toeval bestaat immers nergens en nooit. Alles past precies
bij onze opdracht: onze ouders, onze persoonlijkheid, de omstandigheden, de
plaats, het tijdstip, de gebeurtenissen en ga zo maar door. Een nieuwe episode
van het optreden van onszelf en de andere leden uit onze zielengroep gaat
beginnen. En het programma voor dit reizende
theatergezelschap staat geschreven in de sterren. Niets gebeurt voor
niets en voor alles is een reden.
In
ons huidige leven op Aarde durven we onszelf te zijn.
We voelen onszelf volledig verantwoordelijk voor al ons doen en laten, juist
ook naar anderen toe. We leren om liefdevol te zijn
voor iedereen in onze naaste omgeving, ongeacht uiterlijke verschijningsvorm,
zoals leeftijd, geslacht, geloof, of ras en ga zo maar door. We kiezen ons persoonlijke
pad, welke kant deze ons ook op leidt. En we blijven daarin altijd trouw aan onszelf. We zijn
daarbij niet bang om fouten te maken, want daar leren
we juist van. We zijn immers hier gekomen om te leren.
Al lerende zullen we dus ook geregeld vallen. We staan
daarna gewoon weer op en vervolgen ons pad.
Hoe te leven op Aarde?
Zeven karmische adviezen:
1. Wij durven fouten
te maken
Alleen wanneer wij
durven maken fouten zullen we leren en zelf het voor ons nieuwe ontdekken.
Wanneer we de moed missen om fouten te maken, dan leren we niets. Maar wanneer
we steeds dezelfde fouten blijven maken, dan zijn we dus erg hardleers, en
leren we ook niets.
2. Wij starten vanuit
zuivere intenties
Aan de basis van al
ons gedrag liggen onze gedachten. Deze gedachten kleuren we gelijk in, met
allerlei emoties en ervaringen uit ons eigen leven. Dit samenraapsel van
gedachten en emoties en ervaringen wil zich dan uiten, eerst in woorden en
daarna ook in daden.
Het sturen van ons
gedrag begint met het sturen van onze gedachten. Zuivere gedachten zijn het
fundament voor zuiver gedrag. Wij zetten daartoe verkeerde gedachten
vroegtijdig bewust om in betere.
3. Wij veroordelen
niets en niemand
De neiging om alles en
iedereen wat onzuiver is te voordelen. We willen deze onzuiverheid dan
bestrijden. Maar wie het kwaad bestrijdt, wordt zelf kwaad. En om het kwaad te
bestrijden moeten we zelf kwaad begaan. Dit is dus een doodlopende straat. Wij
bestrijden niets, wij doen het Goede. Wij geven het zelf het goede voorbeeld.
Wij creëren zuiverheid van binnenuit door samenwerking.
4. Wij voegen de daad
bij het woord
Alleen zuivere
intenties hebben en nooit iets doen is van nul en generlei
waarde. De weg naar de Hel is geplaveid met goede bedoelingen!
5. Wij vergeven
anderen
Wanneer een ander ons
schaadt, laten we dan hem of haar, nadat onze emoties zijn gaan liggen,
proberen te vergeven. Hopelijk willen anderen ons vergeven, als wij weer eens
uit de bocht gevlogen zijn. Halsstarrig blijven hangen in ons gelijk is
contraproductief! Het levert uiteindelijk zelfs het tegengestelde op.
6. Wij gaan stap voor
stap
Alles ineens willen is
onmogelijk. Wij nemen de trap naar boven tree voor tree. We weten wat we
willen. En we vergeven onszelf als het weer eens mislukt is. We accepteren dat
het nu eenmaal tijd kost op Aarde. Oefening baart kunst. En wanneer we
struikelen op ons pad, dan staan we gewoon weer op en proberen van deze
ervaring te leren. We maken ons ook niet druk over onbelangrijke dingen, dat is
bijna altijd verspilde energie.
7. Wij geven liefdevol
waar we zelf behoefte aan hebben
Indien wij datgene
liefdevol aan anderen geven waar we zelf het meeste
behoefte aan hebben in dit leven, dan worden we daarvoor tienvoudig beloond.
Wij maken dit tot ons ideaalbeeld en gebruiken dit principe voortaan als ons
kompas.
(Met enorm grote dank
aan metname Ben
van der Velden)